Visie


Mijn vader zei altijd “niet zo zwaar bomen jongen”, en dan doelde hij op het gespreksonderwerp; duurzaamheid. Een onderwerp dat ik nog weleens aanroerde en net als voor hem en helaas nog steeds voor velen is gekoppeld aan zwaarte, moeilijk doen en water naar de zee dragen. Of kort samengevat: jongen waar begin je aan? Ik neem hem dit niet kwalijk, want ons denken over milieu wordt vaak gevoed door slecht nieuws; wanneer het weer eens gaat over milieu en de toestand waarin onze planeet verkeerd. Onmacht gevoelens is vaak het enige wat ons rest in zo’n geval.

We botsen inderdaad hard op onze economische, ecologische en maatschappelijke grenzen. Hoge voedselprijzen, stijgende olieprijzen, eindige grondstoffen, de globale opwarming en de kredietcrisis… het zijn allemaal symptomen van een systeem in moeilijkheden.  Via tal van wetenschappelijke rapporten sijpelt dat besef ook door bij beleidsmakers, bedrijfsleiders en maatschappelijke bewegingen, die werk willen maken van iets nieuws. Het antwoord is niet langer meer produceren of meer bouwen. Niet meer, meer, meer, maar anders en beter. Een term in opgang om dat proces te vatten, is transitie: de overgang van de huidige naar een duurzame samenleving, een maatschappij met een hoge levenskwaliteit maar tegelijkertijd een kleine ecologische voetafdruk , minder afhankelijkheid van olie en grondstoffen, en waarin men fundamenteel anders omgaat met afwenteling van milieuproblemen in tijd en ruimte.

Het wordt tijd dat we daarin ons ecocalvinistische denken met zijn klemtoon op tekortkomingen en zonde-besef prima kunnen omruilen voor een meer positieve visie op de onze mogelijkheden. De samenleving zal de komende decennia in het teken staan van een overgang naar een nieuw tijdperk. De huidige samenleving met haar zogenaamde wegwerp- of schroothoopeconomie en het nieuwe tijdperk met een groene of kringloop economie. Ontwerpprincipes als cradle to cradle en biomimicry behoren tot het nieuwe tijdperk. De overgang van het huidige tijdperk naar de nieuwe zal ingrijpend zijn. Op bijvoorbeeld economisch gebied zullen bekende (bedrijfs) economische modellen op de schop gaan. Als mensheid hebben we eerder dit soort ingrijpende veranderingen succesvol doorgemaakt, zoals bij de overgang van stenentijdperk naar kopertijdperk. Deze overgang is in gang gezet niet omdat de stenen op waren, maar er diende zich simpelweg iets beters aan. Met de huidige transitie naar het nieuwe tijdperk – een duurzame samenleving – is het niet anders.

Innovatieve stedelijke opgaven voor de toekomst zijn:
– Groene circulaire (wijk)economie en lokaal sluiten van kringlopen en reststromen;
– Maatschappelijke kosten baten stadslandbouw en duurzame wijkontwikkeling;
– Verschuiving rollen burger – overheid – ondernemer – onderwijs/kennisinstelling (doedemocratie, decentralisatie en vormen van zelforganisatie);
– Vernieuwend ruimtegebruik in de stad (zorgstadslandbouw, multifunctionele accomodaties en groene daken;
– Lokale en regionale stedelijke voedselstrategiiën, stad-landrelaties, slimme korte ketens;
– Sociaal ondernemen (social impact first), nieuwe verdienmodellen, wijkonderneming en crowdfunding.

Als samenleving zullen we moeten accepteren dat we leven in een complexe wereld van onderling afhankelijke systemen met vele interacties, hoge onzekerheden en tegenstrijdige belangen. Deze complexe en evoluerende systemen vereisen een nieuwe manier van denken over risico’s, onzekerheid, ambiguïteit en onwetendheid.

Dit betekent:
• Systeemdenken
• Meer begrip krijgen van de samenhang van onze socio-ecologische systemen en de interacties
• Sociale innovatie
• Mogelijkheid om als individu op te treden als change agent
• Inzicht in milieuethiek, m.a.w. wat is onze invloed op het leefmilieu
• Gevoel van engagement, betrokkenheid en actie

Duurzame ontwikkeling behelst voor Kiemkracht geen vaststaand ideaal of voorop gesteld einddoel, maar eerder een “afwegingsmechanisme”. Het afwegen van de verschillende belangen (sociaal culturele, ecologische en economische) maakt deel uit van een maatschappelijk leerproces. Het onderwijs is daarom voor kiemkracht een belangrijke aanjager van het innovatief vermogen bij duurzame ontwikkeling. Uitgangspunt is een “grassroots sustainability”, waarin open innovatie, empowerment en maatschappelijke participatie voorop staan (zie schema hieronder).

Bron: Leren voor duurzaamheid in twee spanningsvelden (vrij naar: Wals & Jickling, 2000)

Advertenties

Meest recente berichten

Tournevie in Brussel


We kunnen wat betreft “delen in de wijk” nog veel leren van onze Zuiderburen! Binnenkort maar eens langs voor een excursie!

kleine revolutie

Het is maandagavond, januari, en de nacht is gevallen over Brussel. De straten in de Marollenwijk worden opgelicht door de vitrines van levendige kroegen en van antiekwinkels, en door kerstverlichting die nog tussen de huizen hangt. Aan het einde van de Hoogstraat, in een statig gebouw beheerd door het Brusselse OCMW, brandt er licht achter het raam, de deur klettert open en toe.

Mensen gaan naar binnen met groene materiaalkoffers, nemen hun tijd om een babbeltje te slaan, en verlaten het gebouw weer met lege handen. Of ze komen toe met lege handen en vertrekken geëquipeerd. Iemand rijdt een kruiwagen de drempel af en verdwijnt in de nacht.

tournevie-20

Het materiaal dat ze binnen en buiten dragen, is gemerkt met een sticker met ‘Tournevie’. Dat is de naam van de organisatie die sinds 2015, als pionier op het Europese continent, een gereedschapsuitleendienst of tool library draaiende houdt in Brussel-centrum.

Bij Tournevie kan je, voor een jaarlijks lidmaatschap…

View original post 1.415 woorden meer

  1. Onderzoek nieuwe perspectieven op Haagse wijkondernemingen Geef een reactie
  2. Smart cities: slim, slimmer en slimst Geef een reactie
  3. Edu-Tech’s Brave New World – How Education Software is Being Designed to Hijack Children’s Brains Geef een reactie
  4. Register now: PeerValue Conference #Amsterdam 2-3 September #collcons #sharingeconomy Geef een reactie